Wat opvalt in ons dorp #5: Zwarte kat op het Zettensepad

Vroeger had ik een boekje van de Duitse kinderboekenschrijver Wolf Erlbruch. Het heette ’s Nachts en was absoluut mijn favoriet. In het verhaal wil het jongetje Fons niet slapen, maar de nacht in. Zodra hij zijn huis uit is en door zijn stad stapt, blijkt de wereld compleet anders dan overdag. Terwijl de maan sikkelvormig aan de hemel staat, loopt op straat een vis met een winkelmandje. Is een vrolijke tulp aan het rolschaatsen. En blijkt de brug eigenlijk een teckel te zijn.

Nu gebeuren er ongetwijfeld ook hier in de Betuwe vreemde dingen, maar zal het (in nuchtere toestand tenminste) nog best meevallen met wandelende waterdieren en sportieve tuinplanten. Een langgerekte hond als Lingebrug was overigens handig geweest, maar helaas, voorlopig moeten we het nog zonder stellen. Wat is er dan wel te zien als de dorpen in duisternis gehuld zijn?

Elke week maak ik minstens één rondje door nachtelijk Hemmen-Zetten. Het liefst doe ik dat met semi-haastige tred. Ik trek dan mijn capuchon tot ver over mijn oren. Wellicht om na een dag werken en moederen een klein verzetje te hebben. Wederom schumen, maar dan niet en plein public, maar lekker anoniem.

Wat me afgelopen feestdagenmaand op zo’n ommetje opviel, is hoe erg we ons weer uitgesloofd hebben. Ik heb zo ongeveer alle verlichte tierelantijntjes in Zetten en omstreken bekeken en het waren er véél. Neem de Burgemeester Lewe van Aduardstraat bijvoorbeeld, die onovertroffen was wat betreft de hoeveelheid aan lichtjes-in-tuin per vierkante meter. Schitterend.

Daarnaast heb ik ook in de gaten gehouden wie er wanneer een kerstboom zette. Vóór of ná Sinterklaas? ,,Ik zet ‘m stiekem al neer als de Sint het land nog niet uit is”, biechtte een buurvrouw op. En wanneer kieperen we ‘m er weer uit? Vóór of ná het nieuwe jaar? Toch wat mensen waren er na Tweede Kerstdag alweer spoedig klaar mee, bleek.

Wat het boekje me vroeger al vertelde, is waar. ‘s Nachts zie je van alles wat je eerder nog niet zag. Hoe dat ene huis eigenlijk een hele malle kamerplant voor het raam heeft staan. Terwijl een ander koos voor perfect op elkaar afgestemde orchideeën (in matchende potten, uiteraard). Dan zijn er nog de opvallende kunstwerken. Het kinderspeelgoed op de vensterbank. De tv die elke avond op Winter vol Liefde staat. Of juist op darten. Om van te smullen, die diversiteit!

Op het Zettensepad begeef ik me ook graag. Eerst langs de scouting, dan door het bos. Aan het einde daarvan is de kruising, met links een bankje. Laatst doemde daar ineens een wezen met snorharen op. Ik schrok ervan. Het zwarte beest mauwde naar me en leek zich deze midwinteravond wat te vervelen. We zijn even gaan zitten samen. En hebben een praatje gemaakt.

Dus hierbij moet ik me toch even verontschuldigen richting de persoon die om klokslag twaalf voorbijfietste. Het moet voor hem of haar een apart gezicht zijn geweest: een individu met donkere cape op, voorovergebogen. Een grote tak ernaast (gevallen door de storm, geen bezemsteel!). En dan zat ze ook nog eens geheimzinnig te fluisteren tegen een zwarte kat.

Bij deze de geruststelling: ik was het maar, je dorpsgenoot die soms als schoffie rondhangt. Niet een of andere buurtheks die de grens tussen Hemmen en Zetten bewaakt.

Al weet je het ‘s nachts maar nooit, natuurlijk…