Verhalen
Lees hier één van mijn verhalen
Agrio, editie Vee & Gewas
Melkveehouder Joost de Bruijn (31) uit Acquoy verhuisde zijn familiebedrijf samen met zijn vrouw Adrie (32) en zijn ouders Willie (63) en Jan (65) naar een boerderij anderhalve kilometer verderop. Het was een flinke operatie, maar inmiddels draaien ze al twee jaar met melkrobots op hun nieuwe locatie. „Hier zit toekomst voor ons.”
„Het is geen alledaags verhaal, hè?”, zegt Joost de Bruijn lachend als hij terugblikt op de afgelopen jaren. In 2023 wonen Joost en zijn vrouw Adrie in een huurhuis in Acquoy, naast een melkveehouderij. Zijn ouderlijk bedrijf – waar hij samen met zijn ouders in maatschap zit – ligt hemelsbreed zo’n anderhalve kilometer verderop in Rhenoy. Daar is Joost de vierde generatie melkveehouder op het bedrijf.
Puzzelstukje
Dan dient zich ineens een kans aan. De melkveehouder van hun huurhuis wil stoppen en zijn bedrijf verkopen. Hij heeft geen opvolger. Voor Joost en Adrie valt het puzzelstukje vrijwel direct op zijn plek. „Wij dachten meteen: dit zou voor ons een mooie plek zijn om door te groeien”, vertelt Adrie.
Tegelijkertijd biedt het een oplossing voor Joost’ ouders. Het huurhuis waar het jonge stel woont is gelijkvloers, ideaal voor vader Jan, die slecht zicht heeft. „We waren al aan het kijken naar een mantelzorgwoning of een huis in het dorp”, zegt Joost. „Maar dit was eigenlijk een veel betere oplossing.”
Het plan krijgt vorm: de familie verkoopt het oorspronkelijke bedrijf in Rhenoy en koopt de boerderij in Acquoy. Joost en Adrie verhuizen naar de boerderij, terwijl zijn ouders in het huurhuis ernaast gaan wonen. Inmiddels boeren ze sinds februari 2024 op de nieuwe locatie. ,,Alles viel daarmee op de juiste plek”, vat moeder Willie samen. Op privévlak, maar zeker ook wat de bedrijfsvoering betreft.

Joost en Adrie de Bruijn met hun dochter Tess bij hun nieuwe melkrobot, die direct op de nieuwe locatie is geplaatst © Gerard Burgers
Grotere huiskavel
De huiskavel speelt hierin een belangrijke rol. In Rhenoy beschikten ze over 33 hectare grond rond het bedrijf, terwijl dat in Acquoy 47 hectare is. „Alles wat je zelf in eigendom hebt, is natuurlijk mooi meegenomen”, zegt Joost. „We hoeven nu veel minder grond te pachten om tot de 70 hectare te komen die we nodig hebben.”
Ook de relatie met de stoppende melkveehouder speelde een rol. De families kenden elkaar al jaren en hielpen elkaar regelmatig. „We deden als buren altijd al veel voor elkaar”, vertelt Joost. „Onze machineberging stond bijvoorbeeld al bij hem.” De boerderijen hebben bovendien een opvallende overeenkomst: ze zijn allebei gebouwd in 1975, tijdens de ruilverkaveling. „En voordat de vorige eigenaar hier zat, zat er ook al een De Bruijn, familie van ons”, zegt Joost lachend. „Mijn vader kende dit land dus al heel goed, het voelde eigenlijk meteen vertrouwd.”
Die verstandhouding werkte ook door in het verkoopproces. Waar de familie De Bruijn een goede prijs kon krijgen voor hun bedrijf in Rhenoy, gunde de stoppende melkveehouder hen de aankoop van zijn boerderij. Kort voor de definitieve overdracht overleed hij echter onverwacht. „Dat maakte het moment wel dubbel”, zegt Joost. „We hadden hem natuurlijk graag nog meegemaakt toen we hier echt begonnen.” Uiteindelijk kon de verkoop via de familie worden afgerond, waardoor de verhuizing toch doorgang vond.
Extra investeringen
Starten op de nieuwe locatie ging gepaard met best wat bijkomende kosten. De grote stal op de vorige locatie was relatief nieuw, uit 2015, terwijl de stal in Acquoy uit 2007 dateert. „Dat is wel een verschil waar je voor tekent”, vertelt Joost. In Rhenoy werkten ze met diepstrooiselboxen, in Acquoy met koematrassen. „Het ligcomfort was daar hoger en de koeien moesten er ook echt even aan wennen. Dat is even jammer.”
Daarnaast waren er nog meerdere aanpassingen nodig om het bedrijf naar hun wensen in te richten: nieuwe deuren en gordijnen, extra ventilatoren en een nieuwe voeropslag. „Vorig jaar zaten we alleen al op ongeveer een ton aan investeringen”, merkt Joost op. „Het tikt allemaal behoorlijk aan. Maar als je besluit te verhuizen, moet je ook bereid zijn om erin te investeren.”
Ligging bij Natura-2000
Ook de ligging van de nieuwe boerderij vroeg om goed nadenken. De boerderij in Acquoy ligt dichter bij Natura 2000-gebieden Diefdijk-Zuid en Lingegebied dan de oude locatie. „Dat neem je wel mee in je overweging. Je wilt weten of je daar op de lange termijn geen problemen mee krijgt”, zegt Joost. Voorlopig draait het bedrijf goed, maar thuis houden ze de opties open. „We hebben ook besproken dat we misschien ooit richting biologisch kunnen gaan, als dat wenselijk of zelfs nodig blijkt. Je moet ervoor open blijven staan, daar zijn we het wel over eens.”
Een geluk bij de verhuizing was dat de twee Astronaut A5-melkrobots die initieel voor het oude bedrijf besteld waren, nog ‘omgeboekt’ konden worden naar de nieuwe locatie. „Dat heeft Lely gelukkig netjes geregeld”, vertelt Adrie. „We hebben ’s morgens nog gewoon de koeien gemolken op de oude boerderij. Daarna verhuisden ze en ’s middags stonden ze hier al aan de melkrobot.”
De eerste tijd betekende dat wel dat Joost ’s nachts zijn bed uit moest om de koeien te laten wennen aan het systeem. Inmiddels draait alles probleemloos. „De melkrobots geven flexibiliteit, zowel op het bedrijf als privé.” Dat komt goed uit, want het gezin kreeg er onlangs een nieuwe taak bij: een half jaar geleden werd dochter Tess geboren.
‘Altijd doen’
De periode rond de verhuizing was hectisch, blikt het stel terug. De oude boerderij moest worden opgeruimd terwijl de nieuwe werd ingericht. „Alles loopt dan door elkaar”, zegt Adrie. Toch kijken ze positief terug. „We gingen gewoon aan de slag en alles kwam weer op zijn plek.”
Van buitenaf kregen ze soms kritische vragen: waarom een bedrijf verlaten waar je al generaties zit? Waarom van een stal uit 2015 naar een stal uit 2007, en dan ook nog dichter bij Natura 2000? „Dat soort opmerkingen hoor je natuurlijk wel”, zegt Joost. „Maar uiteindelijk moet je je eigen plan trekken. Hier zit toekomst voor ons.”
Gelukkig waren er ook positieve reacties. Zo liet Jan eens een foto van de nieuwe boerderij zien aan een oud-studiegenoot. Jan: ,,Die reageerde direct: ‘Altijd doen, zo’n kans moet je grijpen.’ Door die grotere huiskavel komt je bedrijf uiteindelijk gewoon sterker te staan.”
Focus op liters
Na alle hectiek is inmiddels weer meer rust op het bedrijf gekomen. Voor de toekomst ligt de focus van de boeren niet zozeer op groeien in aantal koeien, maar vooral op productie per koe. „We willen inzetten op meer liters”, zegt Joost. De melkprijs van de afgelopen jaren helpt daarbij.
Ideeën voor verdere aanpassingen zijn er nog genoeg. Misschien ooit weer diepstrooiselboxen, zoals op de oude locatie. Of de melkrobots op een centralere plek in de stal plaatsen. Maar dat zijn plannen voor later. „Voor nu zijn we vooral blij dat alles draait en dat we weer in rustiger vaarwater zitten.”
Jan en Willie blijven meewerken zolang dat kan. Daarnaast werkt Adrie nog als gymlerares op een basisschool en Willie als medewerker bij de Makro. „Maar mijn moeder doet nog steeds de boekhouding en de kalfjes blijven het domein van mijn vader”, stelt Joost. Omdat ze nu vlak bij het bedrijf wonen, blijft hun betrokkenheid makkelijker bestendigd.
Ondanks alle veranderingen is één ding hetzelfde gebleven, besluit Joost. „Het werk zelf. Tuurlijk, het neemt andere vormen aan door de robots en door de onzekere wet- en regelgeving kan ik wel eens wakker liggen, maar boer zijn blijft koeien melken en voor je dieren zorgen. Precies waar wij allemaal van houden, dus dat komt goed uit.”
Meer van mijn verhalen lezen?
> terug naar overzichtVeens Verhalen 2026
Website door Tom Veens
